Maandag 11 februari 2019 om 22:48

Download at: 30-3-2021 00:38:35

$i: Index | $pi: Padded Index | $an: Album Name | $d: Date | $dc: Date Compact
$c: Caption | $fc: Caption (First line) | $fw: Caption (First word)
$t: Tag | $ft: First Tag | $o: Original file name

Preview:


Filter Photos By:

Caption:
Tag:
Comment:

2019-02-11 22:48:25

Molen De Schaapweimolen in Sion
Molenwetering 2
De Schaapweimolen is de oudst bekende poldermolen

Sion is een wijk van gemeente Rijswijk op de grens met Midden-Delfland en Delft. Het gebied van 79 ha ligt in de Hoekpolder.
De wijk dankt zijn naam aan een klooster dat er de 15e en 16e eeuw stond. In de 17e en 18e eeuw was het een buitenplaats met die naam. In de 19e en 20e eeuw was Sion een tuinbouwgebied en werd gezien als de noordgrens van het Westland. In de 21e eeuw werd er een woonwijk gebouwd.

Molen
Molenwetering 2
De Schaapweimolen is de oudst bekende poldermolen in Rijswijk. In 1445 werd vergunning verleend aan het Ambacht Rijswijk om een molentje te bouwen op het land achter Jan Jacobszn. op Ockenberge. De abt van het klooster Sion wilde met dit molentje tevens de landen rond zijn woning drooghouden. Ockenberge lag in de nabijheid van de latere Plaspoelmolen, maar ook vlakbij de Schaapweimolen. Over de ontstaansgeschiedenis van de polders ten westen en zuid-westen van Rijswijk is nog onvoldoende bekend om met zekerheid vast te stellen over welke molen het nu daadwerkelijk gaat.
Op 17 augustus 1601 vond er aanbesteding plaats door de “Noortpolder en die van Schaepwey tot Rijswijk” voor de bouw van een nieuwe molen. De oorspronkelijke molens waren afgebroken met het oog op het naderende Spaanse leger in een eerdere fase van de Tachtigjarige Oorlog.
In 1959 werd de Schaapweimolen door de gemeente Rijswijk aangekocht en gerestaureerd. Dertig jaar later werd de molen verplaatst in verband met de aanleg van rijksweg A4.

2018-12-05 13:03:56

Molen de Roos Dec.2018

2018-10-25 20:11:20

Geschiedenis
Leuntje Jacobs van Dijck liet in 1690 samen met haar zoon Pleun de standerdmolen vervangen door een stenen stellingmolen. Hierbij werd de nog bestaande gevelsteen aangebracht.
Pleun kreeg in 1696 bij "donatie intervinos" de hele molen in bezit, maar bij de verdeling van de erfenis in 1710 moest hij toch gewoon betalen voor zijn aandeel in de molen, de koetswagen, molenwagen,vier paarden en drie koeien en het gereedschap.

Bij verkoop in 1738 door Pleuns dochters aan de gebroeders Jan en Cornelis van Dijk, was sprake van "een steene windkoornmolen, mitsgaders rosmolen, huijsinge, turfloots, thuin en erve aan de suijdsijde van de Buijtewatersloot deeser stad".

In 1757 kreeg de molenaar toestemming om ook koren gaan malen, ondanks hevig protest van de drie concurrerende korenmolenaars van De Slikmolen, De Roos en De Groenmolen.

Na diverse eigendomswisselingen waren in 1789 Leendert Koster en Krijn van Dijk de eigenaars van De Papegaaij.
In 1794 dienden de molenaars van de drie andere korenmolens een verzoek in om afbraak van De Papegaaij en een verbod op het malen van bakgoed. Dat werd echter afgewezen, en later was Johannes Baggerman, molenaar van De Slikmolen, zelfs eigenaar van een helft!

In 1812 kwam de molen met woonhuis, tuin en erf, en de wagen , het paard en de gereedschappen in bezit van de koopman Didericus Terburgh. Hij richtte voor de exploitatie van de molen een compagnieschap van broodbakkers op, die de molen verhuurden of verpachtten. In 1825 erfde Pieter Nicola een aandeel van de molen.

In 1843 werden reparaties ter waarde van ƒ 1290 uitgevoerd.
In 1859 bood Pieter Christiaan Nicola te koop aan: "een hechte, sterke, goed onderhouden stenen windkorenmolen, tevens ingericht als moutmolen, genaamd De Papegaaij, voorzien van geheel nieuwe roeden en een bijna nieuwe as", met erf, molenwerf en woonhuis. Er werd echter te weinig geboden.

In 1860 werd de molen voor ƒ 6000 verkocht aan Willem Johannes Bakkeren (1823-1908), molenaar en korenkoper uit Gorinchem. Later gingen zoons Matthijs en Jan als molenaar bij hun vader werken, in maart 1903 nam Matthijs Bakkeren de molen over voor ƒ 6000, gevolgd door diens zoon Jaap die de molen in 1931 uit de erfenis van zijn vader kocht voor ƒ 6000.

Jaap Bakkeren liet enkele reparaties verrichten en leende in 1933 ƒ 5000 van de weduwe Klazina Boot. Haar erfgenamen wilden de molen verkopen omdat ze liever geld hadden. Verder werd eigenaar Jaap Bakkeren in 1934 door Openbare Werken van de gemeente Delft gesommeerd mankementen aan de molen te repareren, maar hij gaf aan dat niet te doen omdat de molen zou worden verkocht.

De openbare veiling waarbij de molen voor afbraak werd verkocht, vond plaats op 18 en 25 maart 1935. Ondanks inspanningen van Petra Beijdals (gemeentearchief Delft), die De Hollandsche Molen inlichtte, kreeg aannemer J. Rijsterborgh opdracht een offerte te maken van de afbraakkosten. Ook Openbare Werken adviseerde tegen de afbraak, maar in juni 1935 stelden B&W een ontwerp-sloopvergunning op en twee weken later kocht aannemer Rijsterborgh de molen voor ƒ 5000 voor afbraak. Hij sloopte de molen in 1936.

Op de lege molenwerf werden enkele nieuwe woonhuizen gebouwd, waar de gevelsteen werd ingemetseld. In het molenaarshuis nr. 157 bleef de familie Bakkeren wonen. Jaap Bakkeren overleed als een van de laatste Delftse beroepsmolenaars in 1990. Langs het molenhuis loopt de werf nog steeds enigszins omhoog, als aandenken is een molensteen als plaveisel aangebracht.

2018-10-25 20:11:20

Het molenaarshuis op de Buitenwatersloot 157 dat vanaf 1860 lange tijd door de familie Bakkeren werd bewoond

Geschiedenis
Leuntje Jacobs van Dijck liet in 1690 samen met haar zoon Pleun de standerdmolen vervangen door een stenen stellingmolen. Hierbij werd de nog bestaande gevelsteen aangebracht.
Pleun kreeg in 1696 bij "donatie intervinos" de hele molen in bezit, maar bij de verdeling van de erfenis in 1710 moest hij toch gewoon betalen voor zijn aandeel in de molen, de koetswagen, molenwagen,vier paarden en drie koeien en het gereedschap.

Bij verkoop in 1738 door Pleuns dochters aan de gebroeders Jan en Cornelis van Dijk, was sprake van "een steene windkoornmolen, mitsgaders rosmolen, huijsinge, turfloots, thuin en erve aan de suijdsijde van de Buijtewatersloot deeser stad".

In 1757 kreeg de molenaar toestemming om ook koren gaan malen, ondanks hevig protest van de drie concurrerende korenmolenaars van De Slikmolen, De Roos en De Groenmolen.

Na diverse eigendomswisselingen waren in 1789 Leendert Koster en Krijn van Dijk de eigenaars van De Papegaaij.
In 1794 dienden de molenaars van de drie andere korenmolens een verzoek in om afbraak van De Papegaaij en een verbod op het malen van bakgoed. Dat werd echter afgewezen, en later was Johannes Baggerman, molenaar van De Slikmolen, zelfs eigenaar van een helft!

In 1812 kwam de molen met woonhuis, tuin en erf, en de wagen , het paard en de gereedschappen in bezit van de koopman Didericus Terburgh. Hij richtte voor de exploitatie van de molen een compagnieschap van broodbakkers op, die de molen verhuurden of verpachtten. In 1825 erfde Pieter Nicola een aandeel van de molen.

In 1843 werden reparaties ter waarde van ƒ 1290 uitgevoerd.
In 1859 bood Pieter Christiaan Nicola te koop aan: "een hechte, sterke, goed onderhouden stenen windkorenmolen, tevens ingericht als moutmolen, genaamd De Papegaaij, voorzien van geheel nieuwe roeden en een bijna nieuwe as", met erf, molenwerf en woonhuis. Er werd echter te weinig geboden.

In 1860 werd de molen voor ƒ 6000 verkocht aan Willem Johannes Bakkeren (1823-1908), molenaar en korenkoper uit Gorinchem. Later gingen zoons Matthijs en Jan als molenaar bij hun vader werken, in maart 1903 nam Matthijs Bakkeren de molen over voor ƒ 6000, gevolgd door diens zoon Jaap die de molen in 1931 uit de erfenis van zijn vader kocht voor ƒ 6000.

Jaap Bakkeren liet enkele reparaties verrichten en leende in 1933 ƒ 5000 van de weduwe Klazina Boot. Haar erfgenamen wilden de molen verkopen omdat ze liever geld hadden. Verder werd eigenaar Jaap Bakkeren in 1934 door Openbare Werken van de gemeente Delft gesommeerd mankementen aan de molen te repareren, maar hij gaf aan dat niet te doen omdat de molen zou worden verkocht.

De openbare veiling waarbij de molen voor afbraak werd verkocht, vond plaats op 18 en 25 maart 1935. Ondanks inspanningen van Petra Beijdals (gemeentearchief Delft), die De Hollandsche Molen inlichtte, kreeg aannemer J. Rijsterborgh opdracht een offerte te maken van de afbraakkosten. Ook Openbare Werken adviseerde tegen de afbraak, maar in juni 1935 stelden B&W een ontwerp-sloopvergunning op en twee weken later kocht aannemer Rijsterborgh de molen voor ƒ 5000 voor afbraak. Hij sloopte de molen in 1936.

Op de lege molenwerf werden enkele nieuwe woonhuizen gebouwd, waar de gevelsteen werd ingemetseld. In het molenaarshuis nr. 157 bleef de familie Bakkeren wonen. Jaap Bakkeren overleed als een van de laatste Delftse beroepsmolenaars in 1990. Langs het molenhuis loopt de werf nog steeds enigszins omhoog, als aandenken is een molensteen als plaveisel aangebracht.

2018-04-30 15:52:57

Molen de Roos 2018
Nieuwe Spoorsingel en Phoenixstraat

2018-02-27 10:54:55

Molen de Roos

2017-12-16 15:15:44

Oude situatie Phoenixstraat / Spoorsingel met links de Nieuwe Kerk en de Oude Kerk / Ouwe Jan en rechts molen De Roos. Het gracht liep toen wat langs de molen met daarvan rechts de spoorbaan.

2018-02-27 10:56:02

Phoenixstraat gezien vanaf Delftstede voormalig Sint Hippolytus Ziekenhuis. Links was Aannemer Huurman gevestigd. De tram komt vanuit richting Den Haag langs molen De Roos.

2017-09-23 20:02:32

Molen aan de Rotterdamsweg van de Oudelaanmolensloot tegenover het vroegere woonhuis van de familie de Boo.

2017-09-12 21:13:59

De pauwmolen rond 1975
In bezit van Familie Janszen vanaf ongeveer 1900 tt 2000

2017-09-12 21:13:59

De pauwmolen rond 1975 in bezit van Familie Janszen vanaf ongeveer 1900 tt 2000
Hier ong. 1975

2017-09-12 21:13:59

De pauwmolen rond 1975
In bezit van Familie Janszen vanaf ongeveer 1900 tt 2000

2017-09-12 21:13:59

De pauwmolen rond 1900
In bezit van Familie Janszen vanaf ongeveer 1900 tt 2000
Vrachtwagen met zakken meel voor de hooischuur

2017-09-12 21:13:59

Leen Janszen in zijn Tford voor de Pauwmolen
De pauwmolen rond 1900
In bezit van Familie Janszen vanaf ongeveer 1900 tt 2000

2017-09-12 21:13:59

De pauwmolen rond 1900
In bezit van Familie Janszen vanaf ongeveer 1900 tt 2000

2017-09-12 21:13:59

De pauwmolen rond 1900
In bezit van Familie Janszen vanaf ongeveer 1900 tt 2000
De lange schuur

2017-09-12 21:13:59

De pauwmolen rond 1900
In bezit van Familie Janszen vanaf ongeveer 1900 tt 2000
Het huis naast de molen

2017-08-07 11:07:15

Buitenwatersloot met op de achtergrond stellingmolen De Papegaay 1933

2017-04-06 18:50:52

Molen de Roos 1970

2017-04-04 10:55:49

Molen de Roos 1885

2017-09-12 21:13:59

De pauwmolen rond 1900
In bezit van Familie Janszen vanaf ongeveer 1900 tt 2000
Pauwmolen Aai Adegeest, Gerrit Hogervorst, Jan Janszen, Willem Janszen van links naar rechts.

2017-04-03 17:39:23

Molen de Roos 1910

2017-03-01 16:08:02

Molen de Papegaay naast de woning van Ben Brandenburg zijn ouders Buitenwatersloot 161, slagerij Brandenburg

2017-02-20 20:24:33

Delft Molen de Fortuin

2017-02-20 20:24:33

Delft Molen de Fortuin

2017-02-19 21:00:44

Sloop van de de Pauwmolen en de huisjes aan de Jan de Oudeweg.

2017-01-07 00:23:50

Molen de Roos 1915

2016-12-20 19:19:56

de Groene Molen 1899

Delft gaat over het algemeen goed om met het behoud van fraaie historische straaten en panden. Helaas is dat niet gelukt met het sfeervolle stadsbeeld, zoals te zien op de foto. Een huizenblok dat wordt omgeven door de Oude Delft, de Zuidwal, de Westvest en de Kethelstraat.

2016-12-16 18:43:41

Oliemolen van Blom, Scheepmakerij

2016-12-16 18:36:08

Molen De Papegaai Buitenwatersloot

2016-12-03 15:31:45

Laansche molen
in de polder Vrijenban afbraak
De OudeLaanmolen

De Oudelaanmolen wordt genoemd als de oudste molen van de Zuidpolder en was al voor 1440 bekend.
De molen sloeg het water uit op de Schie via een 700 meter lange voorboezem.
In juni 1581 vroeg de molenmeester vande Zuidpolder toestemming om de molen geheel te vernieuwen.
De molen was in zo"n vervallen staat dat hij beter afgebroken kon worden. Reparatie zou tenminste 800 of 900 gulden gaan kosten en dan nog zou het de vraag zijn of de molen goed zou functioneren. In de akte wordt vermeld dat in die onzekere tijd - "in deze trubbelen" - het riet van de molen was gehaald om brandstichting door rondtrekkende Spaanse troepen te bemoeilijken.
Op 7 februari 1858 brandde de Oudelaanmolen uit, waarschijnlijk ten gevolge van blikseminslag.
In april was in uitspanning De Prins nabij de Oostpoort van Delft de aanbesteding voor de herbouw van de molen, volgens bestek en voorwaarden van het polderbestuur.
De molen was in oktober 1858 alweer maalvaardig.
De totale kosten van de herbouw was 15.700 gulden.
In tegenstelling tot de andere molens van de Zuidpolder is er in de Oudelaanmolen nooit een stoomgemaal geplaatst.
De windmolen is tot 1914 in bedrijf geweest.
Toen besloot men om er een elektrisch gemaal in te bouwen.
De houten opbouw van de molen werd gesloopt, waarna een bekapping werd aangebracht. In de romp van de molen werd een machinekamer ingericht en een nieuw waterrad geplaatst.
In november 1914 was alles gereed en kon worden overgeschakeld op elektrische bemaling.
In 1968 is het gemaal, het woonhuis en de molenromp geheel gesloopt ten behoeve van de bouw van de afdeling Bouwkunde van de Technische Hogeschool.
Sinds de afbraak heeft een modern gemaal bij de Rotterdamseweg de bemaling overgenomen.

2016-12-01 17:40:51

Oudelaanmolen

2016-11-29 10:33:03

Fortuin Wateringseweg 1914

2016-11-22 23:58:42

Molen de Fortuin 1915
Wateringseweg

2016-11-23 21:52:06

Fortuin Wateringseweg
1917 werkers

2016-11-23 21:52:06

Fortuin 1902 rechts de Nieuwe Plantage.. in 1906 werd het hoofdkantoor gebouwd waar links nog woningen staan

2016-11-23 21:52:06

Fortuin 1901 Wateringseweg
1917 werd hij afgebroken

2016-11-23 21:52:06

Fortuin Wateringseweg
1884

2016-11-23 21:52:06

Bieslandse Molen 1915

2017-01-07 17:36:24

Bieslandse Molen 1910

2016-11-23 21:52:06

Bieslandse Molen 1910

2016-11-23 12:58:27

Kaart van Delfland Molens 1610

2016-11-23 12:58:27

Fortuin en Jaagpad

2020-12-27 00:00:00

Molen de Papegaaij aan de Buitenwatersloot - Antonie Heinsiusstraat 1930

2020-12-27 00:00:00

Bieslandsekade

2020-12-27 00:00:00

Buitenwatersloot 1910 - Papegaay

2020-12-27 00:00:00

Buitenwatersloot 1935 - Papegaay

2020-12-27 00:00:00

Delft molen de Roos vanaf Gistfabriek

2020-12-27 00:00:00

Het Duyvelsgat - Oudere Delftenaren kennen de naam Duyvelsgat nog wel: het was een barakkencomplex bij Aan ‘t Verlaat, bestemd voor de huisvesting van studenten. Het werd in 1949 neergezet als tijdelijke oplossing voor de hoge woningnood na de Tweede Wereldoorlog, maar bleef uiteindelijk staan tot 1972. - De naam Duyvelsgat verwijst naar een molen op de stadswal, aan het einde van de Geerweg. Hij stond er al in 1445 en diende voor de waterverversing in de stad. Normaliter werden de grachten doorgespoeld door water dat vanuit de Vliet zuidwaarts naar de Schie stroomde. Dit was van groot belang voor de brouwers. Die waren vooral gevestigd aan het Noordeinde en de Oude Delft, of parallel daaraan aan de Nieuwe Delft, de gracht langs de Voorstraat, Hippolytusbuurt, Wijnhaven en Koornmarkt. Als er onvoldoende water via de Vliet werd aangevoerd, kon het inmalen vanuit de Nootdorpse vaart soelaas bieden. - Maar dat water kon met dammen en verlaten ook worden omgeleid om alleen de oostelijke grachten te verversen. Die hadden een apart watersysteem, omdat er vervuilende bedrijven waren gevestigd, zoals lakenververs en -vollers (denk aan Verwersdijk en Voldersgracht), leerlooiers en perkamentmakers. Het water dat aan de Geerweg uit de singelgracht werd binnengemalen, kon via de Verwersdijk, de Nieuwe Langendijk (toen nog een gracht) en het Oosteinde de stad uit worden geleid, met medeneming van alle viezigheid. Al spoedig bleek de theorie mooier dan de praktijk: de molen veroorzaakte niet altijd voldoende stroming. In 1450 vroeg en kreeg Delft toestemming van hertog Filips van Bourgondië om een tweede molen te bouwen, aan het einde van de Nieuwe Langendijk. Die moest water uitslaan als de molen aan de Geerweg water binnenmaalde, zodat er voldoende circulatie ontstond. - De naam Duyvelsgat heeft vermoedelijk te maken met de doorgang voor bootjes tussen de singelgracht en de Geerweg. Als de molen maalde, stond daar uiteraard een sterke stroming, die het lastig maakte om koers te houden. De commissie voor de straatnaamgeving heeft in de jaren negentig herhaalde pogingen gedaan om de fraaie historische naam Duyvelsgat weer een plaats te geven in het nieuwe wijkje ten noorden van de Tweemolentjeskade. De projectontwikkelaar vreesde echter dat potentiële kopers van de huizen door zo’n naam zouden worden afgeschrikt. Daarom werd gekozen voor Stil Gezicht, de naam van een voormalige veenplas in die buurt

2020-12-27 00:00:00

Groenmolen 1898 - Kethelstraat

2020-12-27 00:00:00

Gezicht op de Phoenixstraat gezien vanaf Delftstede - voormalig Sint Hippolytus Ziekenhuis. Links waren toen ook nog woningen en bedrijven te vinden. Op de achtergrond molen De Roos.

2020-12-27 00:00:00

Groenmolen 1899 Hooikade

2020-12-27 00:00:00

Groenmolen 1899 Hooikade

2020-12-27 00:00:00

Scheepmakerij met de molen van Blom gezien vanuit hotel Bellevue aan de Ketelstraat rond 1875

2020-12-27 00:00:00

Groenmolen 1900

2020-12-27 00:00:00

Kethelstraat - Groenmolen 1902

2020-12-27 00:00:00

Groenmolen 1920 bij de Zuidwal - Constructiebrug storm beschadigd in 1922, onttakeld in 1923 en gesloopt in 1928. 1920

2020-12-27 00:00:00

Groenmolen 1920 verwoest - Kethelstraat